Via Tolosana (Voie d'Arles), juni 2026 - dag 8
Ruesta → Sanguese (donderdag 11 juni 2026)
Ruesta: het verlaten dorp.
Dear Gentle Readers,
Wat gaat de tijd vlug!
We zijn al aan onze achtste stapdag toe…
Vandaag stappen we van Ruesta naar Sangüese: 21,9km
Hoogtemeters: 400 m
Moeilijkheidsgraad: licht
Ondergrond: asfalt, steenslag en onverharde paden
Het weer:
Overwegend helder
Maximaal 23 tot 25°C
Minimaal 8 tot 10°C
UV index laag
Vochtigheid 60%
Windsnelheid 16km/u
Na het heerlijke ontbijt vertrekt ons groepje met het minibusje richting Ruesta.
Het vertrekpunt van vandaag en eindpunt van gisteren.
Ruesta verkeert al sinds de jaren 1950 in een doornroosjesslaap.
Van alle haltes op de Camino de Santiago in Aragon heeft het dorp Ruesta wellicht de langste en meest unieke geschiedenis. En toch is het een verlaten dorp waar de ruïne van een kerk, verschillende middeleeuwse huizen en overblijfselen van een Arabische burcht opvallen.
Het gebied dat het ooit overheerste werd overstroomd toen in 1962 het Yesa-reservoir werd aangelegd wat het begin markeerde van de achteruitgang en verlatenheid. Het leven in Ruesta is gevormd door het Yesa-stuwmeer waarvan de aanleg de loop van de rivier veranderde. Gevoed door de rivier de Aragón beslaat het stuwmeer 1900 hectare en heeft hierdoor de naam ‘Zee van de Pyreneeën’ gekregen. De prachtige zeegroene kleur is afkomstig van de hoge concentraties mineralen en fijne sedimenten die de rivier vanuit de Pyreneeën meevoert en die in het zonlicht weerkaatsen op de lichte bodem.
Hoewel Ruesta nog steeds een plek is waar stilte heerst begon er in 2017 iets te veranderen toen de restauratie van de Franse Pelgrimsroute naar Santiago de Compostela van start ging. Tot nu toe zijn de hoofdstraat en de Kapellen van San Jacobo en San Juan gerestaureerd, de structuren van sommige huizen zijn verstevigd en stenen muren zijn versterkt.
Tegenwoordig is dit stadje in de regio Cinco Villa’s van Zaragoza een belangrijke bestemming voor pelgrims die niet alleen op zoek zijn naar mooie plekjes maar ook willen nadenken over het verstrijken van de tijd.
Onze route verlaat het arme Ruesta onopvallend via de achterkant van het dorp.
Het is een wandeling van bijna 9km op een pad dat zich langzaam door de dennenbossen slingert en gestaag omhoog klimt. Het hoogteverschil is het grootste sinds de beklimming naar de Somportpas.
In de verte zien we de windmolens die maar een kleine hoeveelheid elektriciteit zouden opwekken wanneer ze op volle capaciteit draaien ( één dag per week is erg weinig ).
Ons eindpunt voor vandaag, Sangüesa (Spaans) of Zangoza (Baskisch) is een gemeente in de Spaanse provincie en regio Navarra.
Met ons busje brengt onze chauffeur Danny ons veilig weer terug naar Sos del Rey Católico, een gemeente in de Spaanse provincie Zaragoza in de regio Aragón. Ligt niet op de Compostella route.
Hier logeren we in de prachtige Parador Sos del Rey Católico, gelegen in het oude centrum, in de gelijknamige historische middeleeuwse stad Sos del Rey Católico, geïntegreerd in de middeleeuwse stadsmuur.
Het is een authentiek adellijk Aragonees landhuis met stenen bogen, balkons en sfeervolle tuinen…
Een parador is een Spaans staatshotel.
Al in het begin van de 20ste eeuw besloot de Spaanse regering om een eigen hotelinfrastructuur te creëren om zo reizigers te kunnen voorzien van goede hotels. Zo werd in 1928 de eerste parador van Spanje geopend.
Alle paradores zijn steeds gevestigd in unieke lokaties met name in historisch belangrijke monumenten zoals kastelen, paleizen en kloosters, vaak met uitzicht op een uniek landschap.
Wat de nu ruim 90 paradores gemeen hebben is dat ze stuk voor stuk uniek zijn en een bepaalde luxe uitstralen.
Ik geniet van mijn Café con leche terwijl ik dit zit te schrijven en uitkijk over een prachtige en opwindende wereld en ben blij dat ik hier deel van mag uit maken…
Afsluiten doe ik met Wijsheid van de dag :
Moed en vertrouwen zijn nodig om over de angst dat het misgaat heen te stappen.
Van deze Camino onthou ik vooral:
Dat ik dankbaar moet zijn voor de problemen die ik niet heb.
Dat ik bij het wandelen af en toe eens achterom moet kijken.
Dat een mirador Spaans is voor een uitkijkpunt en een Parador een Spaans staatshotel is.
Dat je met twee meer weet dan alleen.
Ultreia et Suseia!
Hartelijk,
Micheline











































